Een wereld van ijs

Het was een heel merkwaardig hotel waar Jonas Sällberg, de fotograaf van Kinnarps Magazine, arriveerde. Het was een hotel dat weldra helemaal zou verdwijnen en dat al begon weg te smelten. Dat kon je zien aan de hoeken die al niet meer zo scherp afgelijnd waren. Het was hier en daar ook nogal nat. Het was al april en dus laat in de lente in het hoge noorden van Scandinavië, tweehonderd kilometer ten noorden van de poolcirkel. Jukkasjärvi heet die plaats en ze ligt aan de Torne, een rivier in Zweeds Lapland.

"We zijn in Kiruna geland," zegt hij. ”Daarna namen we de bus naar nergens. Daar leek het tenminste toch op. In het westen konden we met sneeuw bedekte heuvels zien en de silhouetten van de Kebnekaise en Lapporten, twee bekende bergtoppen. Maar we reden in de andere richting, naar het oosten, waar het landschap helemaal vlak was.”

Jonas Sällberg en zijn camera waren onderweg naar het nu beroemde ijshotel, een project dat vijftien jaar geleden in Jukkasjärvi bedacht werd en inmiddels navolging heeft gekregen van een
Canadese imitator in het Duchesnay Nature Reserve bij Quebec. Ook zijn er uit het idee van
het ijshotel een paar uit ijs gebeeldhouwde bars "voortgesproten" in steden met een meer gematigd klimaat zoals Milaan, Londen en Stockholm.

Het was bijna puur toeval dat het eerste ijshotel ontstond. Een plaatselijke touroperator die al vele
jaren klanten wist te lokken met activiteiten in de zomermaanden, zoals rafting, vissen en bezoekjes aan de Sami, bedacht dat ook de lange, ijskoude en pikzwarte winters sommige mensen misschien zouden aanspreken. In 1989 werd hier een tentoonstelling van Japanse ijskunst gehouden die internationale bijval kreeg, en het jaar daarna werd het werk van
een Franse kunstenaar getoond in een speciaal gebouwde ijsgalerij, waar enkele excentrieke gasten zelfs de nacht doorbrachten op rendierhuiden. Ze vonden dat een fantastische ervaring, en het idee van een ijshotel was geboren.

De eerste ijsgalerij had een oppervlakte van zestig vierkante meter. Het huidige ijshotel echter
omvat wel vijfduizend vierkante meter en wordt elk jaar opnieuw gebouwd van dertigduizend ton
sneeuw en vierduizend ton ijs. Uiteindelijk smelt het ijshotel weg als het buiten warmer en lichter
wordt. Onze fotograaf Jonas Sällberg kon zien dat dit proces al begonnen was.

"Er heerste een heel vreemde sfeer," zegt hij. "Eerst was er het licht dat in de late lente al erg fel
kan zijn. Dan het gevoel dat de aftakeling werkelijk begonnen was, dat de meedogenloze natuur haar vernietigende werk begon te doen en dat was fascinerend." April is ook het einde van het seizoen voor dit bijzondere hotel, een seizoen dat half december begint. Er waren nog een paar late seizoensgasten aanwezig. Maar de jaarlijkse heropbouw van het hotel gebeurt volgens een eigen, deels overlappend, tijdschema.

Het snelstromende water van de Torne levert uiterst kristalhelder ijs op: dat ijs wordt in maart
"ontgonnen" in de vorm van twee ton zware blokken die in reusachtige koude opslagruimten worden bewaard. Het ijs wordt vervolgens gebruikt voor ijsbars over de hele wereld en als bouwmateriaal voor het nieuwe ijshotel in Jukkasjärvi. De bouwwerken beginnen eind oktober, wanneer zowat dertig vaste kunstenaars en bouwvakkers de handen uit de mouwen steken. Ze beginnen niet helemaal van niets, want voor de basisstructuur gebruiken ze grote gewelfvormige stalen profielen die de ijsgebouwenvorm zullen geven.

Omdat het hotel elk jaar opnieuw gebouwd wordt, ziet het er elk jaar ook weer een beetje anders uit. Het hotel dat Jonas Sällberg bezocht, zag er een beetje oosters uit met zijn kantachtige patronen. Ook zijn er al eens typisch Groenlandse thema's gebruikt en tal van andere figuren. Omdat het hotel vergankelijk is, mogen de kunstenaars zich helemaal uitleven. Ze brengen dan ook de meest kunstige versieringen aan in de reliëfs en sculpturen.

- "Het hotel zelf was nog intact toen ik er was," zegt Jonas Sällberg. "De vormen en versieringen
begonnen al te smelten, maar ze waren nog duidelijk waarneembaar en mooi afgetekend.Volgens mij lag het grootste verschil in het licht.Tussen december en maart is het daar bijna de hele dag pikdonker. Daardoor ziet de ijsarchitectuur er nog sprookjesachtiger en geheimzinniger uit."